Waarom de Copyright Directive een serieuze bedreiging is voor het open internet

4 minuten leestijd (754 woorden)

Het Europees Parlement heeft dit najaar ingestemd met de door de Europese Commissie voorgestelde verordening voor het herzien van het auteursrecht, ook wel bekend als de Copyright Directive. Er is behoorlijk wat ophef over geweest, sommige nieuwssites spraken al over 'het einde van het internet zoals wij het kennen'. Dataspecialist Mirko Schäfer is zelfs van mening dat de voorgestelde hervormingen verontrustende elementen bevatten die van invloed kunnen zijn op de manier waarop we het World Wide Web gebruiken.

Maar waar gaat het eigenlijk allemaal om? Is de kritiek terecht, of is het goed dat er nieuwe auteursrechtwetgeving komt? Wat zijn de gevolgen voor adverteerders (klein en groot) en uitgevers? Vanuit mijn rol als bestuurslid bij IAB Nederland zet ik de belangrijkste feiten voor je op een rij. 

Het ziet er niet goed uit
Om maar met de deur in huis te vallen: hoewel de directive nog steeds niet definitief is en het verzet tegen bepaalde artikelen groot is, kunnen we er in ieder geval zeker van zijn dat het internet zoals we dat nu kennen enorm gaat veranderen. In de basis was het internet een plek die mensen verbond, waar niemand de baas over was en waar iedereen in alle vrijheid zijn persoonlijke mening kon plaatsen. Het ziet ernaar uit dat dit wonderlijke vrije internet, waar ik ooit verliefd op werd, binnenkort niet meer bestaat. Als de directive straks definitief wordt, dan worden de toegangswegen van de digitale snelweg namelijk dichtgezet met controlepoorten, beheerd door bedrijven.

Uploadfilter
Artikel 13 van de directive is wat mij betreft bijna letterlijk een bedreiging voor het 'open' internet zoals we dat nu kennen. Zo verplicht dit artikel internetplatforms om inhoud die gebruikers uploaden, te controleren, te filteren en indien nodig te blokkeren. Als argument wordt aangevoerd dat er mogelijk sprake kan zijn van een inbreuk op auteursrechten, maar het resultaat is dat er door bedrijven filters worden toegepast. Filters waarmee die bedrijven op basis van hún inschatting van wat wel en niet door de beugel kan, bepalen wat jíj op internet kunt plaatsen. Die inschatting wordt per definitie gekleurd door het feit dat het voornamelijk om Amerikaanse bedrijven gaat, met bijbehorende normen en waarden. Bedrijven die om commerciële redenen eventueel bereid zijn hun beleid in bepaalde mate aan te passen en mee te werken met repressieve regimes. Hoe deze 'filtering' in de praktijk moet gaan werken is (natuurlijk) nog onduidelijk. Bits of Freedom, de Nederlandse beweging voor digitale grondrechten, is ervan overtuigd dat er geen technologie bestaat die dit niveau van filtering kan toepassen. Het is simpelweg niet mogelijk om een geautomatiseerd systeem te bouwen dat onderscheid kan maken tussen wat wel en niet mag. Maar nog belangrijker: is een dergelijk uploadfilter niet in strijd met de vrijheid van meningsuiting?

Vrijheid van meningsuiting onder druk
Op kanalen als YouTube wordt materiaal gedeeld waarvoor eigenlijk betaald zou moeten worden aan rechthebbenden. In een interview geeft jurist Stefan Kulk terecht aan dat onder het huidige recht platforms alleen materiaal hoeven te verwijderen als daarover door rechthebbenden wordt geklaagd. Mocht artikel 13 ingang vinden, dan moeten platforms zelf actief op zoek naar ongeautoriseerd materiaal, en als ze het niet verwijderen, dan moeten ze daarvoor gaan betalen. Het bedrijfsrisico op aansprakelijkheid dwingt platforms tot risicomijdend gedrag en gebruikers hebben tegen dit soort volautomatische systemen niets in te brengen. Auteursrecht is natuurlijk goed. Makers moeten beschermd worden. Maar onder het huidige recht mag materiaal van anderen –onder bepaalde voorwaarden – wel degelijk worden gebruikt. Bijvoorbeeld als citaat of ten behoeve van een parodie of duiding van een artikel, zoals ik ook in dit artikel doe. Het is belangrijk dat dit soort mogelijkheden er zijn om open discussie en de vrijheid van meningsuiting te bevorderen. Hoe verwacht het Europees Parlement dat de financiële compensatie geregeld gaat worden? Wat betekent dit voor marketinginnovatie? Als je als bedrijf, of als maker, content of zelfs maar een meme op een creatieve manier wilt inzetten, moet je met zoveel zaken rekening gaan houden. Creatief bezig zijn tussen zoveel strakke regels wordt risicovol.

Linkbelasting, een ander artikel dat voor veel onrust zorgt.
Een belangrijk deel van het probleem is het omstreden artikel 11, dat ook wel de 'linkbelasting' wordt genoemd. Het idee achter artikel 11 is om uitgevers betere bescherming te bieden bij gebruik van digitale toepassingen. Op dit moment tonen onder andere Google en Facebook (delen van) nieuwsartikelen zonder dat de uitgever hier een vergoeding voor krijgt. Wanneer de linkbelasting wordt doorgevoerd, zouden bedrijven zoals Google uitgevers een vergoeding moeten betalen voor het weergeven van deze nieuwsfragmenten. Klinkt goed en logisch. Echter…